Eerste druk: 1788. - Met literatuuropgave.
Het verhaal begint wanneer de verteller ziet dat zijn vrouw, zijn dienstmeid, zijn paard en zijn hond tegelijk in het water vallen. Hij aarzelt zó lang over wie hij moet redden, dat zij allemaal verdrinken. Direct wordt hij beschuldigd van moord en moet hij vluchten. Onderweg hoort hij dat zijn zaak zwaar is overdreven en dat hem marteling en executie te wachten staan.
Hij komt terecht in Apenland, waar blijkt dat de zielen van zijn vrouw en dienstmeid zijn veranderd in apen. De apen zien hem als de eerste “baviaan” die mens is geworden en tonen hem hun ambitieuze plan: de apenmaatschappij omhoogtillen tot het niveau van de menselijke beschaving. Maar de gemeenschap raakt verdeeld tussen twee kampen: zij die “innerlijk mens” willen worden en zij die vinden dat het uiterlijk eerst moet veranderen. Dit escaleert in een massale, rampzalige staartafkap‑dag.
Wanneer hij wakker wordt, blijkt alles een koortsige droom, maar het besef van wat zijn psyche heeft prijsgegeven, maakt hem radeloos.
| Vestiging | Locatie | Beschikbaarheidsinformatie |
| |  | Aanwezig | Info |
| |  | Aanwezig | Info |
Aantal reserveringen voor dit item: 0