Op 1 februari 2013 neemt de ik-verteller een taxi naar de Erasmusuniversiteit, waar hij een motiverende lezing wil geven over maakbaarheid en kansen in het leven. Onderweg raakt hij in gesprek met taxichauffeur Gabriël, die vertelt dat deze datum precies tien jaar eerder het begin markeerde van een tragedie in zijn familie. Gabriël vertelt over zijn neefje Socrates, een dertienjarige jongen van Kaapverdische afkomst die opgroeit in Rotterdam-Zuid. Socrates is een groot voetbaltalent en staat op het punt gescout te worden door Feyenoord, een moment van hoop voor hem en zijn hardwerkende moeder.
Op dezelfde dag wordt Socrates echter tijdens het spelen in de sneeuw met vrienden op een parkeerdak geraakt door kogels van een onbekende man die uit een auto stapt en begint te schieten omdat hij een sneeuwbal op zijn auto kreeg. Socrates overlijdt; de dader wordt nooit gevonden. Die gebeurtenis verwoest het gezin.
Diep geraakt door het verhaal besluit de ik-verteller zijn college te veranderen. In plaats van een peptalk vertelt hij de studenten over Socrates om te laten zien dat het leven niet volledig maakbaar is en soms door puur toeval wordt bepaald.
| Vestiging | Locatie | Beschikbaarheidsinformatie |
| |  | Aanwezig | Info |
Aantal reserveringen voor dit item: 0
Misschien is dit ook iets voor jou: